Sociale lening kost minstens 2 procent

De nieuwe regels voor de gesubsidieerde leningen zijn nu definitief gekend. Sinds 1 juni kunnen de kredieten opnieuw aangevraagd worden. Maar let op, de spelregels zijn fundamenteel veranderd. Niet voor iedereen zijn deze leningen nu “de beste koop”.

Op 30 mei werd het nieuwe besluit van de Vlaamse Regering gepubliceerd. Vooral de nieuwe berekening van de rentevoet zal voor de meeste mensen van groot belang zijn. De rentevoet bij de start ligt voortaan wat hoger. Bovendien kan die nooit lager zijn dan 2%. Maar het effect daarvan is makkelijk in te schatten. Het grote verschil zit echter in de manier waarop deze rentevoet voortaan herzien zal worden. Anders dan bij gewone woonkredieten gebeurt deze herziening niet op basis van de marktrente, maar wel van het inkomen. De eerste herziening zal nu ook sneller gebeuren, al na twee jaar. Maar belangrijker is nog dat de rentevoet voortaan na een herziening heel wat hoger kan worden. Voor wie nu een krediet afsluit ligt de maximale rentevoet bv. op 3,59%.

In het vorige systeem kon men erop vertrouwen dat de rentevoet gedurende de gehele looptijd van de lening lager zou zijn dan wat gewone banken aanbieden. Nu kan het best zijn dat men na een renteherziening moet vaststellen dat men plots een hogere rente moet betalen dan wat voor een gewoon krediet van toepassing zou zijn geweest. Zeker jonge starters, die bij het begin van de lening een lage rentevoet krijgen omdat ze nog een laag inkomen hebben, kunnen zich best goed informeren wat er zal gebeuren als dat inkomen later stijgt. Het zou dan best wel eens kunnen dat men beter kiest voor een niet gesubsidieerd woonkrediet, ook al betaalt men dan bij de start een wat hogere rente.