Wat is de beste keuze: sparen of beleggen?

28 September 2018

Het spaarboekje brengt nauwelijks iets op. Daarom raden meer en meer adviseurs hun klanten aan om te beleggen. Wij maken een vergelijking tussen een beleggingsfonds en een klassieke spaarrekening. 

Het blijven donkere dagen voor de spaarders. Er lijkt maar geen einde te komen aan de opeenvolging van renteverlagingen. Zo hebben BNP Paribas Fortis, Fintro en Belfius onlangs nog de rente op enkele hoogrentende spaarboekjes stevig verlaagd. Verlagingen met 20 basispunten waren de afgelopen weken geen uitzondering. Het is dan ook niet zo verbazingwekkend dat meer en meer lezers ons vragen of het werkelijk zo interessant is om een deel van het spaargeld te beleggen.

In dit artikel maken we een vergelijking tussen de spaarrekeningen en de beleggingsfondsen. Een beleggingsfonds is het ideale product voor beleggers die hun kapitaal over verscheidene activa willen spreiden.

1. De opbrengsten

Wie kiest voor een spaarrekening is zeker van zijn opbrengsten. De banken zijn verplicht om minstens 0,10 procent getrouwheidspremie en 0,01 procent basisrente uit te betalen. De financiële instellingen moeten zich ook houden aan bepaalde maxima die worden opgelegd door de Europese Centrale Bank. Momenteel mag een spaarboekje niet meer opbrengen dan 3 procent.  De niet-gereglementeerde spaarrekeningen zijn een uitzondering op die regel. De banken zijn vrij om te bepalen hoe laag of hoe hoog de rente op die spaarproducten is.

Op dit moment zijn er nog een aantal spaarboekjes die tot 1,20 procent opbrengen. Al zijn de banken vrij om op ieder moment de tarieven naar beneden bij te stellen. Banken kunnen de tarieven ook verhogen als de marktsituatie gunstig is. Vergelijk hier alle spaarrekeningen.

De opbrengsten van een beleggingsfonds zijn allesbehalve voorspelbaar. Het rendement van een beleggingsfonds is volledig afhankelijk van het type fonds en de situatie op de financiële markten. Een defensieve beleggingsfonds zal bijvoorbeeld beter stand houden tijdens een beurscrash dan een dynamische beleggingsfonds. De defensieve variant brengt op de lange termijn doorgaans wel minder geld in het laatje.

Wie alsnog een inschatting wil maken van de potentiële opbrengsten, kan de essentiële beleggersinformatie (of KIID) raadplegen. Dat document verschaft cruciale informatie over het fonds. In dat document staan onder meer de historische prestaties van een fonds. Al zijn de resultaten uit het verleden geen garantie voor de toekomst.

Hoe dan ook is de kans bijzonder groot dat een beleggingsfonds meer geld in het laatje zal brengen dan een spaarboekje. Voornamelijk de beleggers en spaarders die een beleggingshorizon hebben van tien jaar of meer kunnen mooie rendementen opstrijken. Al is een potentieel verlies natuurlijk nooit uitgesloten.

2. De kosten

Een spaarrekening is doorgaans gratis. Wie samen met de spaarrekening een zichtrekening opent, moet soms een maandelijkse bijdrage betalen voor de zichtrekening. Al zijn er voldoende gratis alternatieven op de markt. Sommige banken pakken nu en dan zelfs uit met een mooie actie. Wie vandaag bijvoorbeeld een zichtrekening opent bij Hello Bank krijgt 50 euro.

Een beleggingsfonds daarentegen gaat gepaard met een resem kosten. Allereerst zijn er de instapkosten. In sommige gevallen kunnen die kosten oplopen tot 4 procent. Voorts zijn er nog de potentiële uitstapkosten en de beheersvergoeding. Al die kosten samen kunnen een stevige hap nemen uit de uiteindelijke opbrengsten.

Dat betekent niet dat een belegger lijdzaam moet toekijken hoe een deel van zijn potentiële opbrengsten in rook opgaat. Door de toenemende concurrentie zijn meer en meer brokers bereid te snoeien in de kosten. Eén van de grootste aanbieders van beleggingsfondsen is MeDirect. MeDirect rekent geen instap-, uitstap-, transactiekosten aan op 97 procent van de beschikbare fondsen. De belegger moet enkel lopende kosten betalen. Die schommelen bij MeDirect tussen 1,5 en 2 procent.

3. De fiscaliteit

Spaarders moeten geen roerende voorheffing betalen zolang ze niet meer dan 960 euro aan interesten opstrijken. Wie meer verdient aan zijn spaargeld moet 15 procent roerende voorheffing betalen op de interesten boven dat plafondbedrag. Staat de rekening op naam van twee gehuwden of wettelijk samenwonenden, dan is er een vrijstelling tot 1.920 euro per jaar.

De niet-gereglementeerde spaarrekening is wederom een uitzondering op de regel. Bij die spaarrekening moet men vanaf de eerste cent rente die men ontvangt 30 procent roerende voorheffing betalen.

De fiscaliteit omtrent de beleggingsfondsen is veel complexer. De fiscus kijkt onder meer naar de samenstelling van het fonds en de manier waarop de dividenden worden uitbetaald. Zo moeten beleggers geen roerende voorheffing betalen als ze beleggen in een kapitalisatiefonds. Dergelijke fondsen keren geen dividend uit, maar investeren die opnieuw. De fiscus int in dat geval wel een beurstaks van 1,32 procent bij verkoop.

Wie kiest voor een distributiefonds –  een fonds dat de dividenden uitkeert – betaalt een roerende voorheffing van 30 procent. Die beleggers ontsnappen dan wel aan de beurstaks. Tot slot moeten beleggers een Reynderstaks of een meerwaardebelasting (30%) betalen als hun beleggingsfonds voor meer dan 10 procent in obligaties belegt.

Conclusie: sparen vs. beleggen

De spaarrekening is een zeer transparant en eenvoudig spaarproduct. De spaarboekjes worden overigens beschermd door het depositogarantiestelsel. Het is dan ook niet zo verbazingwekkend dat er een recordbedrag op de spaarboekje staat.

De zekerheid van een spaarboekje komt weliswaar met een prijskaartje. Spaarders moeten namelijk tevreden zijn met zeer lage spaartarieven. Ruim één op de drie spaarboekje brengt niet meer op 0,11 procent. Dat is ruimschoots onvoldoende om het hoofd te bieden aan de inflatie.

Beleggingsfondsen brengen doorgaans meer geld in het laatje dan een spaarboekje. Daartegenover staat wel dat de beleggers blootgesteld worden aan verscheidene risico’s. Afhankelijk van het profiel van de belegger zal de bank een defensieve, gemengde of dynamische beleggingsfonds naar voren schuiven. Door de kosten en belastingen die een belegger moet betalen, zal een fonds meestal pas na enkele jaren echt renderen.

Een beleggingsfonds is met andere woorden een belegging op lange termijn. Beleg daarom enkel met kapitaal dat je een lange periode kan missen. Beleggingsfondsen zijn overigens het ideale product voor mensen die starten met beleggen. Een beheerder ontfermt zich namelijk over de activa.

Niels Saelens, redacteur bij Bankshopper.be
Vragen of opmerkingen over dit stuk kunt u mailen aan: niels@bankshopper.be.