Waarom kan je bij de ene bank dieper in het rood gaan dan bij een ander?

4 april 2018

Bij het merendeel van de banken is het mogelijk om het saldo op de zichtrekening onder 0 te laten zakken. Al zijn er uiteenlopende spelregels van toepassing.

Wie tijdelijk een extra budget nodig heeft, kan daarvoor aankloppen bij zijn bank. Zo is het onder meer mogelijk om een lening op afbetaling af te sluiten, of een kredietkaart aan te schaffen. Al bieden veel banken hun klanten eveneens de mogelijkheid aan om ‘in het rood te gaan’ op hun zichtrekeningen.

Een consumentenkrediet

In 2010 heeft de wetgever bepaald dat de mogelijkheden om het saldo op de zichtrekening onder 0 te laten zakken tot de familie van de consumentenkredieten behoren. Dat betekent dat een klant niet zomaar een kredietopening kan krijgen op zijn zichtrekening.

Net zoals bij alle andere kredieten, dient de kredietgever de kredietwaardigheid van de klant onder de loep nemen. Ze zijn onder meer verplicht de zwarte lijst van Centrale voor Kredieten aan Particulieren bij de Nationale Bank van België (NBB) te raadplegen.

Grote kredietopeningen

De ene bank is de andere niet. En dat is zeker van toepassing wanneer we de uiteenlopende formules voor een debetsaldo bekijken. Allereerst is er de geldreserve. Dat is een kredietopening waarbij de kredietgever akkoord gaat dat de zichtrekeninghouder tot een vooraf bepaalde limiet onder 0 gaat. Dat kan bijvoorbeeld 3.000 euro zijn. Afhankelijk van het limiet, gelden er andere terugbetalingstermijnen.

Andere nulstellingstermijnen

Wie tot maximaal 3.000 euro onder 0 mag gaan, moet minstens één keer per jaar het saldo op zijn rekening aanzuiveren. Dat betekent dat het saldo op de zichtrekening na maximaal 12 maanden op 0 moet staan. Daarna geldt er opnieuw een nulstellingstermijn van 12 maanden.

Die nulstellingstermijn wordt opgetrokken tot 60 maanden van zodra iemand een geldreserve krijgt van meer dan 3.000 euro. De kredietnemer is weliswaar niet verplicht het maximale bedrag ‘te lenen’. Hij is vrij om te bepalen of hij al dan niet flirt met die limiet.

De geoorloofde debetstand

Sommige banken geven de voorkeur aan een geoorloofde debetstand. Dat is een ‘lightversie’ van de geldreserve. In het merendeel van de gevallen kan de zichtrekeninghouder het saldo op zijn zichtrekening niet dieper later zakken dan -1250 euro.

Daarenboven is er een andere nulstellingstermijn van toepassing. Zo moet het geleende bedrag na maximaal drie maanden terugbetaald worden. De banken of kredietgevers zijn vrij om de nulstellingstermijn af te zwakken na twee maanden of minder.

Keuze tussen de twee formules?

Een vergelijking van Bankshopper.be leert dat het merendeel van de kredietgevers slechts één van de twee bovenstaande opties aanbiedt. Een handjevol spelers, zoals Belfius en BNP Paribas Fortis, laat hun klanten kiezen tussen de geoorloofde debetstand en de geldreserve. Zij geven doorgaans een andere naam aan die formules.

Dergelijke leenformules gaan hoe dan ook gepaard met een stevig prijskaartje. In het merendeel van de gevallen rekenen de kredietgevers een debetrente aan van 10 procent of meer. Het is dan ook aangeraden om pas in noodgevallen voor een geldreserve of een geoorloofde debetstand te kiezen.

Niels Saelens, redacteur bij Bankshopper.be 
Vragen of opmerkingen over dit stuk kunt u mailen aan: niels@bankshopper.be.