Wat verandert er voor uw spaarcenten in 2016?

02/01/2016

Om een oud Belgisch zeer weg te werken, namelijk de hoge loonlasten, verschuift de federale regering de belastingdruk van lonen en arbeid naar andere inkomstenbronnen, zoals opbrengsten uit kapitaal. Dat leidt tot nieuwe fiscale maatregelen die een impact hebben op beleggers.

Met de taxshift wordt voor maar liefst 7 miljard euro aan lasten verschoven tussen nu en 2020. Dat betekent heel wat goed nieuws voor werkgevers én werknemers: een verlaging van de werkgeversbijdrage in 2016, meer netto-inkomen … Maar de belastingen op andere zaken worden verhoogd. Niet alleen op frisdranken, alcohol, elektriciteit … maar ook op opbrengsten uit kapitaal.

Roerende voorheffing van 25 naar 27 %

Vandaag wordt op roerende inkomsten van obligaties, aandelen, kasbons, termijnrekeningen, fondsen enz. 25 % bevrijdende roerende voorheffing ingehouden. Dat tarief wordt opgetrokken naar 27 % vanaf inkomstenjaar 2016 (aanslagjaar 2017).

Voor de interesten van volksleningen en dividenden van aandelen van residentiële gereglementeerde vastgoedvennootschappen (bv. Aedifica, Home Invest Belgium) gaat het tarief van 15 % naar 27 %. Voor een aantal andere roerende opbrengsten geldt het verhoogde tarief van 27 % niet:

  • Voor de interesten die u krijgt op een gereglementeerde spaarrekening. De eerste 1 880 euro aan interesten blijft vrijgesteld van roerende voorheffing. Op het gedeelte boven deze grens betaalt u zoals voorheen 15 %.
  • Voor de Leterme-staatsbons die in december 2011 uitgegeven zijn. Ook hier blijft het voordeeltarief van 15 % geldig.

Speculatietaks

De federale regering voert ook nieuwe belastingen in, zoals een speculatietaks. Als u als natuurlijke persoon vanaf 2016 beursgenoteerde aandelen, opties of warrants binnen de zes maanden na de aankoop opnieuw verkoopt, zult u op de gerealiseerde meerwaarde een speculatietaks van 33 % moeten betalen.

Als u de effecten verkoopt via een Belgische tussenpersoon, zal de taks aan de bron worden ingehouden. Belegt u via een buitenlandse tussenpersoon, dan zult u de meerwaarde moeten aangeven in uw personenbelasting. De Belgische fiscus zal informatie over buitenlandse verrichtingen krijgen via het informatie-uitwisselingssysteem CRS.

De speculatietaks zal worden berekend volgens het principe ‘last in, first out’. Wat betekent dat? Stel: u koopt 100 aandelen van een bedrijf in januari, u koopt er nog eens 100 van hetzelfde bedrijf in april, en u verkoopt 100 van die aandelen opnieuw in augustus. Volgens het principe ‘last in, first out’ hebt u dan de laatste 100 aangekochte aandelen opnieuw verkocht. U hebt ze dus minder dan zes maanden in uw bezit gehad en u dient dus de speculatietaks te betalen op de eventueel gerealiseerde meerwaarde.

Er was eerder sprake van dat u minwaarden van verkochte aandelen zou kunnen aftrekken van gerealiseerde meerwaarden, maar dat zal niet zo zijn.

Belangrijk om te weten

Hebt u effecten gekregen via een schenking (met tussenkomst van een notaris) of een gift (onderhands), dan wordt de periode waarin de vorige eigenaar ze bezat meegerekend om te bepalen of de termijn van zes maanden overschreden is.

Het is nog niet duidelijk of de meerwaarden ook belast worden als uw aandelen opgekocht zijn wegens een overname of beursexit.

De speculatietaks is niet van toepassing als ...

  • U uw aandelen, opties en warrants langer dan zes maanden bijhoudt.
  • U overstapt naar aandelenfondsen, waarop de maatregel in principe niet van toepassing is.

Bent u bedrijfsleider of aandeelhouder van een vennootschap?

Ook op de dividenden die u van uw vennootschap ontvangt, zult u 27 % roerende voorheffing moeten betalen. Tenzij de vennootschap een kmo is die voor de dividenden put uit de liquidatiereserve.

  • Als die dividenden worden uitgekeerd binnen de vijf jaar na het einde van de belastbare periode waarin de liquidatiereserve werd aangelegd, stijgt het tarief van 15 naar 17 %.
  • Als die dividenden na die periode van vijf jaar worden uitgekeerd, blijft het tarief 5 %.

Voor vennootschappen die gebruik hebben gemaakt van de zgn. “vastklikregeling” van 2013 (uitkering van reserves aan 10 % roerende voorheffing, onmiddellijk gevolgd door een kapitaalverhoging) is er ook een verandering: bij terugbetaling van dit kapitaal binnen de wachtperiode is roerende voorheffing van toepassing aan het tarief 15 %, 10 % of 5 %. Het tarief 15 % wordt vanaf 2016 verhoogd tot 17 %.