BNP Paribas Fortis Funding geeft nieuwe obligaties op 6 jaar uit in Noorse kroon

05/12/2012

Enkele kenmerken

Dit schuldinstrument uitgegeven door BNP Paribas Fortis Funding (LU) is gewaarborgd door Fortis Bank NV. Door in te tekenen leent u geld aan de emittent die zich verbindt tot de jaarlijkse uitkering van een coupon en tot de terugbetaling van het belegde kapitaal in Noorse kroon (exclusief kosten) op de eindvervaldag. Bij faillissement of wanbetaling van de emittent en de garant, loopt u evenwel het risico om de sommen waarop u recht hebt, niet te recupereren en het belegde bedrag niet terug te krijgen op de eindvervaldag. De uitgifte gebeurt in Noorse kroon (NOK), wat een wisselrisico inhoudt wanneer de bedragen in NOK omgezet worden naar EUR.

  • Looptijd: 6jaar
  • Jaarlijkse coupon in NOK: 3,90% (bruto)
  • Uitgifteprijs: 101,875%
  • Actuarieel rendement in NOK: 3,55% (bruto)

Op 29 november 2012, was 1 EUR 7,3419 NOK waard. Om een coupure van 10.000 NOK te verkrijgen aan deze koers, zou u 1.362,05 EUR moeten betalen (exclusief kosten). Als de Noorse kroon op de eindvervaldag 10% in waarde daalt ten opzichte van de euro (naar 8,1577 NOK voor 1 EUR), krijgt u slechts 1.225,84 EUR voor uw coupure van 10.000 NOK. De waarde van uw kapitaal in euro zal dus gedaald zijn met 10%. Omgekeerd zult u 1.498,24 EUR ontvangen voor uw coupure van 10.000 NOK als de waarde van de Noorse kroon met 10% stijgt ten opzichte van de euro (naar 6,6745 NOK voor 1 EUR). Op die manier zult u een meer- waarde van 10% op de munt behaald hebben.

Nominale waarde per coupure: 10.000 NOK. - Bedrag van de uitgifte: minimaal 200 miljoen NOK. - ISIN-code: XS0859742115 – Serie 798.

Er is voorzien dat een nieuwe fiscale wetgeving van kracht zal zijn vanaf 1 januari 2013. Inkomsten uit schuldtitels die worden geïnd door tussenkomst van een in België gevestigde financiële tussenpersoon zijn volgens deze nieuwe wetgeving onderworpen aan de roerende voorheffing (RV) van 25%. De inhouding van de RV is bevrijdend in hoofde van de particuliere beleggers, waardoor zij deze beleggingsinkomsten niet moeten aangeven in de personenbelasting. De fiscale behandeling hangt af van de individuele situatie van elke belegger en is vatbaar voor mogelijke wijzigingen nadien. Andere beleggerscategorieën worden verzocht zich te informeren over het fiscale regime dat op hen van toepassing is.

Conclusie: Wij lopen niet echt warm voor deze uitgifte omdat we geen opwaarts potentieel zien in de Noorse Munt.