Hoe wij als spaarders onszelf pijn doen

7 februari 2017

Zo lang wij massaal blijven sparen is de kans bijzonder klein dat de spaarrente opnieuw aanzwengelt. 

Alle banken zijn het er roerend over eens: “De kans dat de spaarrente dit jaar opnieuw stijgt is zo goed als onbestaand.” Zij wijzen met een beschuldigende vinger in de richting van Frankfurt, waar de hoofdzetel van de Europese Centrale Bank ligt. De voorzitter Mario Draghi heeft deze week in het Europees parlement nogmaals laten weten dat hij niet raakt aan het huidige beleid waarbij de ECB tot april maandelijks 80 miljard euro aan schuldpapier opkoopt. Vanaf dan zwakt de centrale bank dat programma af tot 60 miljard euro per maand. En dat tot minstens het einde van dit jaar. Daarenboven moeten de banken 0,4 procent rente betalen als ze geld parkeren in Frankfurt.

En dat voelen de spaarders. Zij moeten momenteel tevreden zijn met een minimumrente van 0,11 procent. Dat terwijl de inflatie in ons land vorige maand afklokte op 2,75 procent.  Daarmee laat ons land het inflatieniveau van de eurozone (1,1%) ver achter zich. En daar knelt nu net het schoentje, klinkt het bij Eric Dor, de directeur economische studies van de managementschool Ieseg in Rijsel. 

De reële rente 

Zo lang de inflatie de rente op ons spaarboekje overtreft verliezen de spaarders aan koopkracht. Hij heeft het daarbij over de reële rente. Dat is de rente op ons spaarboekje min de inflatie. Een snelle berekening leert dat de reële rente in ons land in januari -2,54 procent bedroeg. Dat cijfer kan variëren naargelang de bank waar u een spaarrekening heeft. Zo krijgen de spaarders bij MeDirect een spaarrente van netto 0,8 procent op de ME3-spaarrekening. Dat vertaalt zich naar een reële rente van -1,62 procent. Ondanks de hogere spaartarieven verliezen ook zij aan koopkracht. Wie een spaarrekening opent bij de internetbank moet er wel rekening mee houden dat hij de instelling drie maanden op voorhand moet verwittigen als hij zijn spaartegoeden wil aanspreken.

Terwijl iedereen de ECB als zondebok aanduidt, is Dor ervan overtuigd dat ook de spaarders een aandeel hebben in de lage rentevoeten. Volgens hem zijn de banken niet geneigd de spaartarieven op te trekken omdat wij halsstarrig blijven verder sparen. Volgens de meest recente cijfers van de Nationale Bank hebben wij allemaal samen 261,2 miljard euro op onze spaarboekjes staan. En dat enorme spaarbedrag stimuleert de banken niet om de rente te verhogen. “De banken hoeven niet te vechten om dat geld aan te trekken. Het komt zo binnen”, zegt hij in De Standaard.