Hoe opbrengsten pensioenspaarfonds verhogen met ruim 2.000 euro?

13 Juli 2018

Wie voor zijn oude dag spaart via een pensioenspaarfonds kan zijn opbrengsten gevoelig opkrikken door voor een fonds te kiezen zonder instapkosten.

Het merendeel van de financiële spelers op de Belgische spaarmarkt biedt één of meerdere pensioenspaarfondsen aan. Net zoals bij een gewoon beleggingsfonds moeten de tussenpersonen het risicoprofiel van de klant bepalen vooraleer ze een bepaald product naar voren schuiven.

Adviseurs zullen pas een pensioenspaarfonds aan de man brengen als blijkt dat de pensioenspaarder bereid is een risico te nemen. Een pensioenspaarfonds wordt –in tegenstelling tot een pensioenspaarverzekering–  niet beschermd door het depositogarantiestelsel. In ruil voor het extra risico is de kans vrij groot dat spaarders die voor een fonds kiezen op het einde van de rit hogere opbrengsten opstrijken.

Hoe de opbrengsten verhogen?

Het is moeilijk te voorspellen hoeveel een pensioenspaarfonds op de lange termijn zal opbrengen. Het rendement is afhankelijk van wat er zich afspeelt op de financiële markten. Toch kunnen pensioenspaarders zelf enkele maatregelen nemen om het rendement gevoelig op te krikken. Zo kunnen ze bijvoorbeeld kiezen voor een fonds met lagere instapkosten.

In het onderstaande voorbeeld gaan we uit van een pensioenspaarder die jaarlijks 960 euro spaart en dat 30 jaar lang (tot aan zijn 60ste verjaardag). We mikken daarbij op een jaarlijks rendement van 4,75 procent. Dat is het fictief jaarrendement waarop de fiscus zich baseert bij de berekening van de eindbelasting.

Hoe groot is het verschil?

Wie kiest voor één van de duurdere fondsen betaalt 3 procent instapkosten. Dat betekent dat de bank in kwestie jaarlijks 28,8 euro van de premies afroomt. Na 30 jaar sparen heeft de spaarder die voor een duurdere fonds heeft gekozen 65.825 euro bijeen gespaard. Na een eindbelasting van 8 procent, houdt hij nog 60.559 euro over.

Wie pensioenspaarfondsen vergelijkt, kan de instapkosten volledig elimineren. Sommige banken, zoals Argenta, laten die kosten namelijk links liggen. Door de eliminatie van de instapkosten kan de pensioenspaarder op die manier jaarlijks 28,8 euro extra sparen. Op het einde van de rit heeft de pensioenspaarder 67.875 euro bijeen gespaard. Na de eindbelasting houdt hij nog 62.449 euro over. Dat is 1.890 euro meer dan iemand die 3 procent instapkosten betaalt.

Een hoger plafond

En wat als iemand kiest voor het hogere plafond van 1.230 euro? Wie 3 procent instapkosten betaalt, heeft na het betalen van de eindbelasting 77.602 euro extra op zijn spaarrekening staan. Dat is 2.406 euro minder dan wie geen instapkosten betaalt.

Het bovenstaande verschil kan nog verder oplopen als het jaarrendement hoger ligt. De fiscus int namelijk geen belastingen op alle opbrengsten die hoger liggen dan het fictief jaarrendement van 4,75 procent.

Bekijk het totaalplaatje

Vanzelfsprekend vertellen de instapkosten niet het volledige verhaal. Naast de instapkosten rekenen de financiële spelers lopende kosten aan.  Die kosten variëren tussen 0 en 1,30 procent.

Het is eveneens belangrijk om te kijken hoe een pensioenspaarfonds in het verleden heeft gepresteerd. Dat is een indicatie van hoe goed een fonds het in de toekomst kan doen. Wij benadrukken dat dat een indicatie is en geen garantie. Een slecht beursjaar kan er bijvoorbeeld voor zorgen dat een deel van het rendement in rook opgaat.

Interesse in een pensioenspaarfonds? Vergelijk hier de historische prestaties van alle pensioenspaarfondsen. 

Niels Saelens, redacteur bij Bankshopper.be 
Vragen of opmerkingen over dit stuk kunt u mailen aan: niels@bankshopper.be.