Dit is hoe het vanaf april eenvoudiger wordt om woonleningen te vergelijken

23 februari 2017

Vanaf 1 april wordt het dankzij deze maatregelen veel eenvoudiger om woonleningen tegen het licht te houden.  

Wie vandaag een woonlening wil afsluiten staat aan de ingang van een gigantisch doolhof. Voor de consumenten is het vandaag zeer onduidelijk hoeveel zij effectief op tafel moeten leggen voor een hypothecair krediet. Zij kunnen die enkel vergelijken op basis van de hypotheekrente die de banken naar voren schuiven. Maar voorts is het gissen geblazen naar hoeveel de extra producten kosten die ze bij een woonlening moeten nemen. Het merendeel van de banken vraagt namelijk dat u een schuldsaldo-en een brandverzekering bij hen afsluit. Bpost bank is een van de weinige banken die de consument niet verplicht extra producten te onderschrijven wanneer hij een woonlening afsluit. 

De voorwaarden die aan een woonlening vasthangen maken het voor iemand die een woning zoekt praktisch onmogelijk om een kritische vergelijking te maken. Sommige instellingen compenseren de lage rente door de premies op een brandverzekering te verhogen. Als consument hangt u dan vast aan die verzekering tot wanneer u uw lening hebt afbetaald. Wie toch verandert van verzekeraar, ziet het prijskaartje van zijn woonlening aandikken.

Jaarlijks kostenpercentage 

Een Europees gestandaardiseerd informatieblad moet vanaf 1 april soelaas brengen. Die fiche moet het voor de consument gemakkelijker maken om leningen te vergelijken. In die fiche staat er onder meer een jaarlijks kostenpercentage (JKP), zoals bij de consumentenkredieten. Dat drukt uit hoeveel kosten, zoals de schattings- en notariskosten, er in totaal bij een krediet komen kijken. Met dat informatieblad kunt u de offertes van verschillende kredietverleners vergelijken en de beste kiezen. 

Ook Kris Peeters, minister van Consumentenzaken, doet zijn duit in het zakje om de weg naar transparantere woonleningen te plaveien. Vanaf 1 april plafonneert Peeters de dossierkosten die de banken mogen aanrekenen wanneer u een lening afsluit of herfinanciert. Vandaag zijn de banken nog vrij om te bepalen hoeveel kosten zij aanrekenen. Vorig jaar kwamen verscheidene banken in het oog van de storm terecht nadat ze de dossierkosten hadden verhoogd. De minister had toen al beloofd dat hij maatregelen ging treffen.

Plafond dossierkosten 

Vanaf 1 april mogen de banken maximaal 500 euro dossierkosten aanrekenen voor een nieuw krediet. Voor de combinatie van een overbruggingskrediet met een nieuw krediet is dat maximaal 800 euro. Voor het aangaan van een overbruggingskrediet zonder hypotheek mogen de banken maximaal 300 euro aanrekenen.

Voor de herfinanciering van het hypothecair krediet gelden er twee maximumtarieven afhankelijk van de situatie. Zo mag de bank slechts 50 procent van de initiële dossierkosten aanrekenen als de klant per jaar een herfinanciering aanvraagt. Wie bijvoorbeeld 400 euro dossierkosten moest betalen bij het afsluiten van zijn woonlening, moet  maar 200 euro betalen als hij een herfinanciering aanvraagt. Dat tarief verhoogt wanneer u binnen het jaar een tweede herfinanciering aanvraagt. In zo’n geval mag de bank u de initiële dossierkosten aanrekenen. Dat betekent  (gebaseerd op de bovenstaande situatie) dat de totale dossierkosten dat jaar oplopen tot 1000 euro.

Door de bovenstaande vereenvoudigingen kunt u als consument veel gemakkelijker woonleningen tegen het licht houden. Zeker nu de banken mondjesmaat de tarieven verhogen heeft u er alle baat alle tarieven te vergelijken. Hoe sterk de tarieven gaan stijgen blijft koffiedik kijken. BNP Paribas Fortis verwacht dat de rente op een woonlening tegen het einde van dit jaar gaat stijgen met 0,5 procent. De overige grootbanken doen geen uitspraken over hoe sterk de rente gaat stijgen. Al zijn zij het er roerend over eens dat de historisch lage tarieven achter de rug zijn.

Benieuwd naar welke banken de voordeligste woonleningen geven? Doe hier de vergelijking.