Geen lagere rente op de spaarverzekeringen

In detail

Minister van Economie en Consumentenzaken Johan Vande Lanotte heeft beslist om de maximale rente op spaarverzekeringen op 3,75 procent te houden. De Nationale bank wou deze rente verlagen tot 2%. “Dit zou voor spaarders en ondernemers betekenen dat ze minder opbrengst krijgen”, aldus Johan Vande Lanotte.

Het voorstel van de Nationale Bank om de maximale rente te verlagen tot 2% treft zowel de individuele spaarverzekeringen, pensioenverzekeringen als de groepsverzekeringen. Hierdoor zouden bedrijven en spaarders hun rendement aanzienlijk zien dalen.

“We gaan de maximale referentierentevoet op 3,75 procent houden. Geen enkele verzekeringsmaatschappij is identiek. De verschillen in business model, strategie en kosten vertalen zich ook in de rentevoet die door deze maatschappijen wordt aangeboden. Een te lage maximale referentierentevoet kan dus tot gevolg hebben dat verzekeringsondernemingen niet langer de rentevoet kunnen aanbieden die ze willen.

Door een lagere maximale rentevoet zou het voor de consument ook moeilijker zou worden de producten op het ogenblik van de contractafsluiting te vergelijken voor wat betreft het rendement. Want indien de maximale rentevoet daalt stijgt het belang van de winstdeelname die een consument heeft bij bijvoorbeeld een levensverzekering.

Minister Johan Vande Lanotte: “Een lagere maximale rentevoet is nadelig voor de sterkte en de geloofwaardigheid van het aanvullend pensioensparen. Voor die geloofwaardigheid is een lange termijn stabiliteit essentieel”.