Gaan de groepsverzekeringen binnenkort minder opbrengen?

Nog geen jaar geleden heeft de federale regering beslist de gewaarborgde minimum van de zogeheten tweede pensioenpijler te verlagen. Die aanpassing kwam er op vraag van de verzekeraars en de werkgevers. Tot vorig jaar kregen de pensioenspaarder minimum 3,75 procent rente op de eigen stortingen en 3,25 procent op de stortingen van de werkgever. Maar dat was volgens de verzekeraars niet langer houdbaar. Daarom heeft de federale regering vorig jaar het minimum verlaagd naar 1,75 procent. Daarenboven wordt de rente voortaan gekoppeld aan de evolutie van de staatsobligaties op tien jaar.

Onhoudbaar 

Maar ook dat is niet voldoende, klinkt het vandaag in de Vlaamse media. Onder meer Hans De Cuyper, de nieuwe voorzitter van Assuralia is vragende partij om de rente verder te verlagen. “De verzekeraars moeten vandaag 1,75 procent rente garanderen terwijl een belegging in staatsobligaties slechts 0,30 procent opbrengt. Dat is niet langer realistisch”, klinkt het. Ook de ondernemingen zitten met de handen in het haar. Zij moeten het verschil bijpassen als de verzekeraars tekortschieten.

De pensioenfondsen zijn niet te spreken over het voorstel van De Cuyper. Zij vinden dat de werknemers al te veel toegevingen hebben gedaan. “De verzekeraars moeten er rekening mee houden dat de verzekeringnemers gedurende 35 à 40 jaar hun kapitaal niet kunnen aanspreken. In ruil mogen de werknemers toch verwachten dat ze die centjes toch kunnen gebruiken om hun koopkracht te behouden”, zegt Philip Neyt, voorzitter van de Belgische pensioenfondsen.

Op het eerste gezicht lijkt minister van Pensioenen Daniel Bacquelaine de redenering van de verzekeringssector te volgen. Hij heeft al laten weten dat hij met beide partijen wil samenzitten en desnoods nieuwe maatregelen wil nemen. 

Wilt u zelf een pensioenpotje aanleggen? Vergelijk dan zeker de spaarverzekeringen op onze site.